Hide

Geschiedenis

De middeleeuwse burcht van Beaufort is gebouwd tussen 1050 en 1650 en kent vier bouwfasen. Walter van Wiltz was de eerste Heer van Beaufort. Vanaf de tweede helft van de 18e eeuw werd de burcht niet meer bewoond. De burcht raakte in verval en werd door de bewoners van de omgeving als steengroeve gebruikt.

Vanaf 1928 liet de nieuwe eigenaar van het kasteel, Edmond Linckels, in de gedeelten van de burcht die al meer dan driehonderd jaar niet bewoond waren, het puin wegruimen en het overal woekerende onkruid verwijderen. Na uitgebreide herstelwerkzaamheden werden de ruïnes in 1932 voor het publiek geopend.

Zowel de middeleeuwse burcht als het later gebouwde renaissanceslot staan sinds 1988 onder monumentenzorg.

 


 

De middeleeuwse burcht en het renaissanceslot zijn gebouwd op een rotsplateau in het dal van de Haupeschbach. Het renaissanceslot werd op een hoger liggend gedeelte naast de burcht opgericht. Sinds de bouw in 1649 was het nieuwe kasteel steeds als woonplaats van de eigenaren in gebruik. Het was nooit voor het publiek toegankelijk.

Toen de laatste bewoonster, mevrouw Anne-Marie Linckels-Volmer, in 2012 stierf, werd ook het renaissanceslot op initiatief van het Ministerie voor Cultuur met ondersteuning van monumentenzorg en de vereniging “Les Amis des Châteaux de Beaufort” geopend voor een bezoek onder leiding van een gids.

Sinds 1981 is het hele areaal eigendom van de staat Luxemburg.

Sinds de bouw van het renaissanceslot heeft het kasteel gelukkig nooit schade opgelopen. Dit cultuurgoed is afgezien van enkele uitbreidingen en verbouwingen in feite gedurende 360 jaar hetzelfde gebleven. Het renaissanceslot is gebouwd door baron Jean de Beck, een bekende Luxemburger, die geboren werd in 1588 in Luxemburg-stad (in de “Grund”), als zoon van een bode uit Saarburg. Hij was van eenvoudige komaf, maar maakte een snel carrière in het leger en verwierf uiteindelijk grote bekendheid.

Op 18 april 1637 heeft keizer Ferdinand III, generaal Jean de Beck op grond van zijn militaire verdiensten en loyale houding jegens de keizer in de adelstand verheven. Kort daarna kreeg Jean de Beck het commando over alle troepen in het groothertogdom Luxemburg buiten de steden en voerde hij de leiding over het civiele en militaire bestuur van het groothertogdom. In januari 1642 werd Jean de Beck gouverneur. Deze positie bekleedde hij tot aan zijn dood in 1648 en was daarmee de enige Luxemburger die binnen de huidige grenzen van het land deze functie bekleed heeft.
In 1639 verwierf Jean de Beck de kastelen van Heisdorf en Beaufort.

Hij liet de fortificaties van de stad Luxemburg versterken en uitbreiden. In het jaar 1644 zijn meerdere bolwerken ontstaan, waaronder het later naar hem genoemde Bastion Beck (waar zich nu de Place de la Constitution en de Gëlle Fra bevinden).

Men gaat ervan uit dat in 1643 met de bouw van het renaissanceslot in Beaufort werd begonnen.

De korte oostvleugel werd in het jaar 1648 voltooid. Dit blijkt uit de gewelfde sluitsteen die het jaar 1648 draagt, het sterfjaar van Jean de Beck. Boven de westelijke hoofdingang kan men een sluitsteen zien uit 1649, die het gemeenschappelijk wapen draagt van de families de Beck en Capelle.

Op de kaart van Ferrari uit 1771-1778 zijn de grondlijnen gedocumenteerd. Men herkent de vier vleugels en de tuinen.

Baron de Beck stierf nog voor de voltooiing van de nieuwbouw. Het kasteel werd door zijn weduwe en zijn zoon voltooid. In de loop der jaren en eeuwen kende het kasteel de volgende eigenaren: baron Jean-Georges de Beck, baron Eugène-Albert de Beck, Pierre Coumont, Jean-Theodore-Guillaume Baron van Tornaco en van Vervoz, Charles-Alexandre-Joseph Graaf van Liedekerke de Beaufort, Charles en Henri Even en Anne Linckels-Even.

In 1928 werd Edmond Linckels de nieuwe eigenaar van de kastelen. Hij liet de burcht van het in de loop der eeuwen opgestapelde puin bevrijden en veel werkzaamheden verrichten voor de consolidatie van de muren. De middeleeuwse burcht werd in 1932 voor het publiek geopend. Maar ook daarna heeft de heer Linckels veel ondernomen voor het onderhoud van de burcht en het renaissanceslot.

Sinds 1930 hield hij zich bezig met de productie van een regionale likeur, genaamd “Cassero”, die tot op de dag van vandaag nog in de kelder van het slot gemaakt wordt.

In 1934 trouwde Edmond Linckels met de in 1914 in Berlijn geboren Anne-Marie Volmer, dochter van de toenmalige voorzitter van de senaat van het gerechtshof in Berlijn, Joseph Volmer en Marcelle Schwartz, van wie de grootmoeder, Anne Catherine Even, uit Beaufort afkomstig was.

De in 1936 geboren zoon, José, bleef ongehuwd en stierf in 1989 in het kasteel. Er waren dus geen erfgenamen.

Tijdens het Ardennenoffensief van 1944/45 werd het renaissanceslot door granaten getroffen. De schade werd meteen na de oorlog gerepareerd. Kort voor het einde van de oorlog werd ook de familie Linckels-Volmer geëvacueerd. Het slot werd door soldaten bezet, waarbij het archief in alle windstreken verspreid werd. Ook de tot het slotdomein behorende kudde koeien werd geëvacueerd, maar samen met de slotheer kwamen ook de koeien kort na de oorlog terug, zodat de kinderen van Beaufort tenminste met melk verzorgd konden worden. Het landbouwbedrijf dat bij het kasteel hoorde, werd in 1964 opgegeven en de landerijen werden verpacht.

Edmond Linckels, die als voorzitter van de plaatselijke toeristenvereniging (“Syndicat d’Initiative”) zich meer dan verdienstelijk heeft gemaakt voor de bevordering van het plaatselijke toerisme, stierf in 1975.

Vanaf toen beheerde zijn weduwe de bezittingen, die zij in april 1981, tegen een levensrente en levenslang woonrecht, aan de staat Luxemburg schonk.

Anne-Marie Linckels-Volmer zette zich zeer in voor de sociale belangen in het dorp, was een actief lid van de oude-van-dagen-vereniging in Beaufort, de stichting “vrienden van de kastelen” en de cultuurcommissie. In 2009 werd zij door de groothertog benoemd tot officier in de orde van “Couronne de chêne”.

Mevrouw Linckels, en ook haar medewerkers, hebben zich in deze jaren veel inspanningen getroost om de kastelen in zin van monumentenzorg voor toekomstige generaties te behouden.

Anne-Marie Linckels stierf op 8 augustus 2012 op de leeftijd van 97 jaar. Na het overlijden van haar man was zij meer dan 37 jaar de laatste kasteelvrouwe van Beaufort.

Mevrouw Linckels heeft niet alleen de Luxemburgse staat, maar ook een breed publiek “haar” renaissanceslot in goede toestand achtergelaten. Het is haar erfenis die aan ons doorgegeven wordt. Alle kamers van het kasteel zijn behouden in de toestand, zoals mevrouw Linckels die achtergelaten heeft.